Wij
beschouwen onze karateschool als één grote
familie wiens leden eensgezind op zoek zijn naar de
essentie van het Wado Ryu Karatedo. Volgens onze school
zijn leraren, leerlingen en hun gezinnen, familie en
vrienden elkaar's Broeders
in het Wado Ryu Karatedo.
Broeders die één
en hetzelfde doel nastreven: maximale persoonlijke ontwikkeling
tot een zo breed mogelijk opgeleide en tegelijk vredelievende
Wado Ryu stylist. Die filosofie en vechten op éénzelfde
niveau de ruimte durft te geven.
Broeders die zichzelf
innig verbonden durven te voelen. In eerste instantie
met elkaar en daarna met alle andere levende wezens.
Zodanig dat zij vrede en harmonie durven laten groeien.
Zelfs met hun aanvallers. Volgens onze karateschool
is dit de ware essentie van het trainen in onze vechtkunst,
het Wado Ryu Karatedo.
Ki Musubi en Ki Awase, twee Japanse termen die duiden op onderlinge
verbondenheid van verschillende energieen. Zeg maar
levensvormen. Kort gezegd komt het erop neer dat elke
actie van de één vrijwel gelijktijdig
een reactie oproept van de ander. Een sterke onderlinge
verbondenheid die onze school symboliseert middels drie
innig verstrengelde handen.
Niet het schoppen
en slaan is belangrijk, juist het NIET schoppen en slaan
is in onze lesvisie ontzettend belangrijk. Het nader
tot elkaar brengen en smeden van een hechte band tussen
de leerlingen komt voor onze karateschool op de eerste
plaats.
Komen tot vrede en harmonie
vereist een vooruitziende blik en een open houding die
niets verlangt, weinig verwacht en nooit oordeelt over
anderen. Alleen zo zijn onze leerlingen klaar om elke
situatie in hun leven tot een oplossing te brengen,
zonder hun toevlucht tot geweld te nemen. Irritaties,
een snauw, een duw, een klap of een trap zijn reacties
die voortkomen uit een bedreiging of zelfs beschadiging
van een denkbeeld dat in die persoon leeft. Het trainen
van Wado Ryu Karatedo verandert dit beeld in een toestand
van algemeen welbevinden waarin het heel logisch is
om nuchter en verstandig met elke situatie waarin de
karateka terecht komt, om te gaan. Waar anderen bibberen,
met hun tanden klapperen of zweten (van inspanning en
angst), doet onze leerling datgene wat hij moet doen.
Zonder overbodig bibberen, klappertanden of zweten.
Dit klinkt stoer maar is niet zo bedoeld. Integendeel.
Op deze wijze omgaan met penibele situaties vereist
een hoge mate van bescheidenheid.
Elk les leren onze
karateka's zich een héél klein mensje
te maken in de hoop dat ze ooit kunnen uitgroeien tot
een groots persoon.
Vandaar dat wij de groetceremonie
zo belangrijk vinden voor aanvang en na beeindiging
van onze trainingen. Met name de 'Za-Rei', de geknield
zittende groet is voor ons onlosmakelik verbonden met
het gevoel van bescheidenheid en klein-zijn. Onze leerlingen
buigen met hun voorhoofd tot vlak boven de grond in
een poging zich zo klein mogelijk te maken. Elke training
opnieuw. Alleen zo kunnen zij de bescheidenheid laten
groeien die hen tot grote mensen maken kan.
Grote mensen. Niet in
het sporten en ook niet in hun specialisme zoals de
zelfverdediging of het uitvoeren van fysiekmentale demonstraties.
Maar groot in hun relaties met andere mensen. Groot
in hun gedrag in onze dojo maar ook ver daarbuiten,
thuis, op school of op hun werk.
graag uw reacties
aan: info@anroedhendeherdt-karate.nl
|